- Aantekening Diabetische en Reumatische voet.
- Achtergrond in de verzorging.
Nagelproblemen
Nagels vormen de bekleding en bescherming van het uiteinde van de tenen en vingers. Nagels zijn opgebouwd uit een stof die bestaat uit dode, verhoornde cellen. Nagels zijn kleurloos en transparant, maar lijken roze door de bloedvaten eronder. De rand van de nagel is wit vanwege de lucht eronder. Het halvemaantje, de lunula, onderaan de nagel lijkt wit omdat het niet stevig aan het bindweefsel vastzit. Nagels groeien 0,05 tot 1,2 mm per week. De groei is sneller in de zomer en langzamer in koude klimaten en bij sommige ziekten.
Nagelaandoeningen komen zeer veel voor; in veel gevallen door verkeerde verzorging. Bekend is de ingegroeide teennagel, meestal van de grote teen. De nagel groeit in doordat hij in de hoekjes te ver is weggeknipt. De nagel dringt de weke huid in en veroorzaakt meestal een ontsteking of er ontstaat wild vlees.
Een nagelwal (of riem) kan een acute ontsteking krijgen: omloop (paronychia). Dit is vaak het gevolg van herhaalde lichte verwonding en ontsteking. Het veroorzaakt pijn, zwelling en ontsteking. Soms verschijnt er pus bij de nagelrand.
Veel voorkomend zijn horizontale ribbels op de nagels. Deze duiden meestal op een infectie in de huid rond de nagel. Nagelverdikking is een kenmerk van psoriasis en/of schimmelinfectie. Schimmelinfecties geven meestal weinig problemen. Hygiene voorkomt verspreiding en eventueel kan men een anti-schimmelmiddel innemen. De nagels worden ondoorschijnend, verdikt en broos. Nagels kunnen broos worden door een tekort aan vitamine B of door contact met bepaalde wasmiddelen. Hierbij treden wel eens kleine bloedinkjes op onder de nagel.

